 | Ministeriële omzendbrief betreffende de taken van de officier-geneesheer va |
Ministeriële omzendbrief betreffende de taken van de officier-geneesheer van de openbare brandweer
Aan
de dames en heren Provinciegouverneurs, Mevrouw de Gouverneur, Mijnheer de Gouverneur, Deze
omzendbrief is bestemd voor de overheden die over een brandweerkorps beschikken. Mijn diensten
krijgen geregeld vragen betreffende de opdrachten van de officier-geneesheer. De relevante wetgeving
inzake de uitvoering van geneeskundige onderzoeken bij brandweerlieden betreft zowel de wet van 28 januari
2003 betreffende de medische onderzoeken die binnen het kader van de arbeidsverhoudingen worden uitgevoerd
als het koninklijk besluit van 28 mei 2003 betreffende het gezondheidstoezicht op de werknemers. Ik
acht het dan ook nuttig de implicaties van deze wetgeving voor de werking van de brandweer te verduidelijken. 1.
Algemeen De modelreglementen van de brandweer kennen vier opdrachten toe aan de officier-geneesheer.
Daarnaast kan de gemeenteraad de officier-geneesheer eventueel extra taken toebedelen. Ik wens
meteen te benadrukken dat elke gemeente er moet op toezien dat de eventueel supplementair aan de officier-geneesheer
toegekende taken niet in strijd zijn met voormelde wet van 28 januari 2003 evenals met voormeld koninklijk
besluit van 28 mei 2003. 2. De taken zoals voorzien in het modelreglement 2.1 De kandidaten
voor een betrekking in de dienst onderwerpen aan arbeidsgeneeskundige onderzoeken Zowel vrijwillige
als beroepsbrandweerlieden oefenen een functie uit die risico's inhoudt voor de veiligheid en gezondheid
van werknemers. Artikel 26 van het koninklijk besluit van 28 mei 2003 bepaalt dat een voorafgaande
gezondheidsbeoordeling (het vroegere « aanwervingsonderzoek ») dient te gebeuren bij werknemers die in
dienst worden genomen om te worden tewerkgesteld in een risicofunctie of aan een risicovolle activiteit
(veiligheidsfunctie, activiteit met welbepaald risico). Om de onpartijdigheid en vertrouwelijkheid van
de medische handelingen te garanderen, stelt de reglementering uitdrukkelijk dat de beslissing betreffende
de geschiktheid enkel mag gebeuren door de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer in het kader van de arbeidsgeneeskunde.
Deze geneesheer mag bovendien alleen de huidige medische geschiktheid nagaan. De officier-geneesheer
mag de kandidaten voor een betrekking als brandweerman dus niet geneeskundig onderzoeken. 2.2
Instaan voor de opleiding van de leden van de brandweerdienst inzake eerste zorgen en reanimatie en periodiek
herscholingscursussen organiseren Deze taak kan blijvend worden uitgevoerd door de officier-geneesheer.
Het strekt bovendien tot de aanbeveling dat deze opdracht actief wordt uitgevoerd in de brandweerdiensten
die over een ambulancedienst beschikken. 2.3 De gegrondheid van afwezigheid wegens ziekte nagaan Deze
taak behoort toe aan de controlearts krachtens artikel 3, § 2, van de wet van 13 juni 1999 betreffende
de controlegeneeskunde. Deze taak mag dus niet meer uitgevoerd worden door de officier-geneesheer. 2.4
De personeelsleden, die in dienst gekwetst worden verplegen, zelfs op de plaats van het ongeval Deze
taak kan blijvend worden uitgevoerd door de officier-geneesheer. Gelet op artikel 422ter van het Strafwetboek
pleegt de aanwezige officier-geneesheer zelfs schuldig verzuim wanneer hij weigert de gekwetste personeelsleden
te verzorgen. 3. Supplementair toegekende taken 3.1 De personeelsleden informeren omtrent
de mogelijkheid zich lastens de dienstnemende overheid preventief te laten inenten tegen het hepatitis
B virus Deze opdracht blijft van toepassing en moet gekaderd worden binnen een preventiebeleid.
Het is immers uit de risicobeoordeling dat moet blijken of een personeelslid al dan niet aan een dergelijk
biologisch agens wordt blootgesteld. In het koninklijk besluit van 4 augustus 1996 betreffende de bescherming
van de werknemers tegen de risico's bij blootstelling aan biologische agentia op het werk wordt de plicht
tot het geven van informatie aangaande de beschikbaarheid van een doeltreffend vaccin gelegd bij de werkgever.
In die zin kan de officier-geneesheer eventuele informatieve ondersteuning bieden, zonder evenwel afbreuk
te doen aan de bevoegdheid van de arbeidsgeneesheer. 3.2 De ambulancedienst van het brandweerkorps
organiseren en coördineren Deze taak kan blijvend worden uitgevoerd door de officier-geneesheer.
Rekening houdend met wat in 2.2 werd gesteld, strekt het zelfs sterk tot de aanbeveling om het dagdagelijkse
beheer van de ambulancedienst toe te vertrouwen aan de officier-geneesheer. Zijn gevorderde kennis op
medisch vlak enerzijds en het feit dat hij een officierengraad bekleedt anderzijds, maakt hem immers
zeer geschikt om - onder de verantwoordelijkheid van de officier-dienstchef - de ploeg van ambulanciers
te sturen en aldus de operationaliteit van de « dienst 100 » te verzekeren. 4. Slotbepalingen. Het
is nog steeds verplicht om de functie van officier-geneesheer te voorzien overeenkomstig bijlage 1 van
het koninklijk besluit van 8 november 1967 (1). Ik raad de gemeenten dan ook aan om bij de eerstvolgende
wijziging van het organiek reglement het artikel dat alle taken van de officier-geneesheer regelt, zodanig
aan te passen dat het in overeenstemming is met de vigerende wetgeving. Ik zou het op prijs
stellen indien u deze omzendbrief zou verspreiden onder de betrokken overheden. Met de meeste
hoogachting : De Minister van Binnenlandse Zaken, Mevr. A. TURTELBOOM Nota (1)
Koninklijk besluit houdende, voor de vredestijd, organisatie van de gemeentelijke en gewestelijke brandweerdiensten
en coördinatie van de hulpverlening in geval van brand.
Bron: Het Staatsblad
|
|
|
|
| |
Gemiddelde score: 0 Stemmen: 0
| |
|